Frankrijk, de onverwachte roadtrip (part 3)
Na een heerlijke tijd in Bretagne kwamen we aan in de regio Vendée.
De zoektocht naar een camping bleek niet zo eenvoudig.
Elke camping die ik online vond leek groter dan de vorige. De één na de andere met zwembaden en glijbanen die doen denken aan waterpretparken.
Uiteindelijk vonden we er één die redelijk eenvoudig leek. Maar wat ik vreesde gebeurde ook: ik vergeleek ze met de camping in Saint-Cado.
En ja, dat is dus niet te vergelijken.
Alleen al de natuur en het type bomen is in de Vendée helemaal anders. Het rook er wel lekker. Dat kwam door de vele naaldbomen in de buurt. Ik vond het ook leuk hoeveel vogels ik kon zien en horen.
Een dag deden we niet meer dan uitgebreid lunchen bij Les Genêts en in het zwembad op de camping hangen.
We bezochten ook het eiland Noirmoutier.
Sinds 1971 is er een brug om op het eiland te geraken, maar bij eb kan je ook via Passage du Gois. Een weg van 4,2 km die volledig verdwijnt wanneer het vloed is. Daarmee is het ook ineens de lange weg in Europa die maar af en toe verschijnt.
Dat was echt superleuk om te doen.
"In het water" zat het vol mensen die vanalles aan het opgraven waren. Ik gok oesters, maar ben niet zeker.
Na de grote oversteek maakten we een wandeling in Noirmoutier-en-l'ïle. Ik kan er mijn vinger niet op leggen, maar hoewel de huizen in Bretignolles-sur-Mer net zoals op Noirmoutier zijn, is het op het eiland zoveel mooier.
Ik heb het dan over huizen in 50 tinten wit met -meestal - blauwe of groene luiken en iets wat ik een Spaans dak zou noemen.
Na wat winkeltjes bezocht te hebben, reden we via Le Vieil door de zoutmoerassen. Die zijn echt indrukwekkend om te zien. Volgens de website van het eiland is maar liefst 30% van het hele eiland ingenomen door die zoutmoerassen.
We stopten bij een klein mooi hutje naast zo'n moeras, kregen uitleg over het proces en kochten zout. Uiteraard.
We bezochten ook Les Sables d'Olonnes. Het leek even alsof we aan de Belgische kust waren, maar dan warmer.
Eén lange boulevard met winkeltjes en horeca, een mix van mooie gebouwen uit de Belle Epoque en van die lelijke gedrochten van flatgebouwen. Daarvoor het strand dat zich uitstrekt over de hele lengte.
Les Sables is niet de plek die je moet zien wanneer je hier bent, maar het was leuk om er op een zondag even rond te lopen.
De camping in Bretignolles-sur-Mer was niet de meest memorabele en ik keek ernaar uit om naar Ile de Ré te gaan.
Op Ile de Ré brachten we de laatste drie dagen van onze vakantie door.
Ik wilde in eerste instantie alles bezoeken, maar dat is te veel op drie dagen tijd. We beslisten nu het zuidelijke deel van het eiland te ontdekken en de rest te houden voor een volgende reis.
We reden met de fiets (niet elektrisch!) naar La Flotte en Saint-Martin-de-Ré, en genoten van de mooie omgeving.
De laatste drie dagen van onze reis gingen er heel rustig aan toe. Heerlijk.
Met de laatste dag van onze roadtrip in het vooruitzicht voorspelden ze regen. Het had niet anders kunnen zijn.
Het lijkt wel traditie om een keer regen te hebben aan het einde van een vakantie.
De laatste nacht was er zoveel regen, donder en bliksem. De grond daverde - letterlijk. Het was zo erg dat we op een bepaald moment in de auto zijn gaan zitten.
Moe maar voldaan trokken we de volgende ochtend terug naar België. En daarmee was het einde van onze onverwachte roadtrip naar Frankrijk een feit.