Frankrijk, de onverwachte roadtrip (part 1)
Drie weken treinreizen in Italië. Dat was het plan.
Treinritten geboekt. Campings en B&B's gereserveerd. Spiksplinternieuwe rugzak gekocht. Ik was er helemaal klaar voor.
En dan hoor je over de overstromingen en aardverschuivingen in Italië. Twee dagen voor ons vertrek.
Dat zouden we niet doen, toch?
Het was snel beslist. We annuleerden de reis naar Italië en gingen roadtrippen in Frankrijk. Eindelijk een goed excuus om die nieuwe tent te kopen.
Het boek 'Roadtrippen langs de Atlantische kust' werd van onder het stof gehaald, de auto volgeladen en we waren klaar voor vertrek.
We zijn in Frankrijk!
We zijn al verschillende keren in Normandië geweest, dus kozen we ervoor om onze vakantie aan te vangen in Bretagne.
We maakten een korte stop bij de Decathlon in Kortrijk om die nieuwe tent te scoren en trokken naar het noorden van Frankrijk. Wat om de één of andere reden toch wat aanvoelde als onderweg zijn naar het zuiden, want ja, Frankrijk.
Het eerste idee was om naar Saint-Malo te rijden, maar door de hoeveelheid Nederlanders op de baan werd ik achterdochtig. Het was half mei en volgens Google was er geen schoolvakantie in Nederland. Wat deden die daar?
Ik zal het je zeggen. Hemelvaartsweekend.
Daar hadden wij geen rekening mee gehouden. Ik belde in totaal negen campings die volledig volzet bleken voor het weekend.
Wie had gedacht dat er nog andere mensen het idee zouden hebben om er dat weekend op uit te trekken?
Uiteindelijk strandden we op een camping vlakbij de Mont St.-Michel. 34 kilometer van onze gehoopte bestemming Saint-Malo. We beslisten om hier het drukke Hemelvaartsweekend te overbruggen.
We zaten er in ieder geval goed. Omgeven door het groen en vergezeld van vogels en insecten.
Instant vakantiegevoel.
Saint-Malo
Voor mij gaat er niets boven een slow morning op de camping.
Terwijl de Bialetti zijn werk deed om ons van koffie te voorzien - weliswaar in samenwerking met Wouter - haalde ik een kraakverse baguette in het winkeltje op de camping.
Soms vind ik het moeilijk begrijpen dat mensen kamperen niet leuk kunnen vinden. Langs de andere kant moet je mij ook niet naar een all-in hotel sturen. Dat voelt een beetje als huisarrest.
Na het ontbijt trokken we naar Saint-Malo.
Omdat we voorbereid waren op een massa volk parkeerden we op een P+R parking buiten de stad en namen we de bus naar het centrum.
Ik wilde graag naar Saint-Malo omwille van de stadsomwalling waar je nog steeds op kan wandelen. Het contrast van de zee aan de ene kant en de kleine drukbevolkte straatjes aan de andere kant spreekt me aan.
De allerleukste ontdekking was la piscine de Bon-Secours. Een openluchtzwembad dat zich toont wanneer het eb is. Wij hadden geluk. Bij vloed had ik nooit van het bestaan afgeweten.
Het oude stadsgedeelte - hoewel oud... het werd tijdens WOII platgebombardeerd en onmiddellijk nadien heropgebouwd - deed me vooral aan de Mont St.-Michel denken qua drukte en sfeer.
De ene crèperie na de andere. De moules frites (mmmm...) vliegen je rond de oren.
Zoveel zin in mosselen, zo weinig zin om in de drukte van Saint-Malo te blijven. Ik had het idee om richting Le Vivier-sur-Mer te rijden voor een potje mosselen.
Helaas. Om 16 uur serveerden ze geen eten meer.
Ik zie er de contradictie ook wel van in. Me te goed voelen om tussen toeristen te eten, maar wel verwachten dat de lokale horeca open is op toeristenuren.
Île-de-Bréhat
De zoektocht naar mosselen duurde niet lang. De volgende dag at ik op Île-de-Bréhat de lekkerste mosselen van de hele reis.
Bouchots. Dat zijn kleine smaakbommetjes en je betaalt er in Frankrijk zo weinig voor. Meestal iets van een 12 à 14 euro voor een portie.
Ik wilde het eiland Île-de-Bréhat graag bezoeken omdat ik had gelezen dat auto's er niet zijn toegelaten. Het eiland is amper 3,5 kilometer lang en er wonen zo'n 300 mensen. De vele toeristen niet meegerekend.
We zagen er inderdaad geen auto's. Enkel een handvol kleine tractors die af en aan rijden om onder meer de toeristen hun bagage te vervoeren.
Zelfs fietsen zijn er niet op alle wegen toegelaten. Dat heeft wel iets, in alle rust kunnen rondwandelen.
We waren 's ochtends trouwens heel erg vroeg opgestaan zodat we de eerste ferry naar het eiland niet zouden missen. Om 8 uur hadden we alles al opgekraamd.
Dat vroeg opstaan was mijn idee. Ik kon op voorhand eigenlijk al weten dat ik het niet leuk zou vinden om me 's ochtends te moeten afjagen.
Ik ben de persoon die weigert om ooit een alarm te zetten (tenzij ik een vlucht moet halen) omdat ik het liefst van al 'uit mezelf' wakker word. Maar dan ben ik op vakantie en heb ik het gevoel dat ik er alles moet uit halen.
Maar ik had tijd. Ik had drie maandagen vakantie.
Drie! Dat is lang. Zot lang.
Het initiële plan was om de kust helemaal te volgen tot aan de Spaanse grens. Dat kon nog altijd, maar moest niet.
Ik neem liever de tijd om te genieten en te rusten, en de plekken waar we zijn ten volle te beleven in plaats van ons te haasten naar het zuiden.
We zouden wel zien waar we zijn op het moment dat het tijd is om terug naar huis te gaan. Een volgende vakantie starten we dan gewoon waar we deze keer eindigen.
Je bént gewoon.
"Je probeert niet te zijn of te doen. Je bént gewoon." las ik in het boek 'The Enchanted April'.
Die reminder had ik nodig voor mezelf.
Genieten van de kleine dingen die we doen op vakantie. Wandelen, dorpen bezoeken, inkopen doen, lezen en op de camping hangen.
't Voelt wel wat als het goeie leven.
De dagen vliegen voorbij. Maar op de één of andere manier gaat de tijd ook traag. Ik heb elke keer weer het gevoel dat we veel gedaan hebben, omdat we eigenlijk niet echt iets moeten doen. Dat zorgt er volgens mij voor dat ik het gevoel heb dat er tijd genoeg is. In overvloed zelfs.
"Je bént gewoon." Dat is mooi.
“Je probeert niet te zijn of te doen. Je bént gewoon.”
Het Hemelvaartsweekend was intussen voorbij en de mensen keerden terug naar huis. We waren zo goed als alleen op de camping waar we de komende nachten zouden verblijven.
Een camping met prachtig zicht op het water. De ideale plek om dat 'gewoon zijn' in de praktijk te brengen.
Rustige dag op de camping.
Backgammon spelen.
Ontdekken dat Ploumaillie zowaar een commercieel centrum heeft. Enfin, voor Frankrijk dan toch. Een beenhouwerij, épicerie en wel twee bakkers.
Eclair café eten!
Barbecueën.
Bretagne
De camping was ook onze uitvalsbasis om delen van de GR 34 'le sentier des douaniers' te wandelen.
De ene wandeling was steil, wild, avontuurlijk.
De andere wandeling was met mooi aangelegde wandelpaden volledig aangepast aan het grote publiek. Vanuit Ploumanac'h wandelden we een stuk van de GR 34 om de bekende Granit Rose te bewonderen. Het was mooi, hoewel ik het me anders had voorgesteld. Rozer vooral.
Ik was van in het begin enthousiast om naar Frankrijk te trekken, maar had niet verwacht het zo naar mijn zin te hebben in Bretagne.
En dan wist ik op dat moment nog niet eens hoe geweldig ik het zuiden van Bretagne zou vinden.